Systemen koppelen, ook als een pakket er niet op gebouwd is

Systemen koppelen betekent dat gegevens vanzelf van het ene programma naar het andere gaan, zonder dat iemand ze overtypt. Meestal loopt dat via een API. Heeft een pakket die niet, dan zijn er nog drie andere wegen naar binnen — en welke past, hangt af van hoe vaak en hoe vers de gegevens moeten zijn.

Van Cloudzicht, Almere · Marc Herdes en John van den Bosch · bijgewerkt op

Waar de verbinding echt gelegd wordt is zelden waar de vraag begon.
Waar de verbinding echt gelegd wordt is zelden waar de vraag begon.

Wat betekent het om systemen te koppelen?

Systemen koppelen betekent dat gegevens vanzelf van het ene programma naar het andere gaan, zonder dat iemand ze overtypt. Meestal loopt dat via een API. Heeft een pakket die niet, dan zijn er nog drie andere wegen naar binnen — en welke past, hangt af van hoe vaak en hoe vers de gegevens moeten zijn.

Het woord verschilt per gesprek: koppelen, integreren, een API-koppeling, systeemintegratie, applicatie-integratie. Het gaat steeds over hetzelfde. Wij noemen het een koppeling, want dat is wat er gebeurt: twee dingen die los stonden, gaan iets aan elkaar doorgeven.

Waaraan merkt u dat het misgaat?

Zelden aan de systemen zelf. Bijna altijd aan mensen.

Iemand vraagt of u het adres even wilt aanpassen “in het andere pakket ook”. De werkplaats begint aan een order die in de verkoop al is gewijzigd. Een klant belt over een factuur die niet klopt met de offerte die hij heeft. Iemand houdt een lijstje bij omdat het pakket het niet weet.

Dat lijstje is het duidelijkste teken. Waar iemand naast de software iets bijhoudt, ontbreekt er een verbinding — of het pakket kan niet wat er nodig is.

Werk dat alleen bestaat omdat het ene systeem niet weet wat het andere weet, noemen wij overdrachtswerk — en dat is het eerste dat verdwijnt zodra er een verbinding ligt.

Hoe koppelt u software die geen API heeft?

Dit is de vraag die het vaakst gesteld wordt en het minst vaak beantwoord. Een pakket zonder API is niet het einde; het betekent alleen dat de deur ergens anders zit.

Via een export die vanzelf loopt. Veel pakketten kunnen periodiek een bestand wegschrijven of mailen. Dat bestand is uit te lezen en door te zetten. Niet live, wel betrouwbaar — en voor een dagelijkse verwerking is dat vaak genoeg.

Via de database eronder. Draait het pakket op uw eigen server, dan is er meestal rechtstreeks bij de gegevens te komen. Lezen is dan bijna altijd mogelijk; schrijven doen wij liever niet, want dan omzeilt u de controles die het pakket zelf uitvoert.

Via de post. Komt een bestelling of aanvraag als mail of als pdf binnen, dan is dát de bron. Uitlezen wat erin staat en het als een order wegzetten, is geen koppeling tussen twee pakketten maar het lost hetzelfde op.

Via het scherm. Als laatste redmiddel: een programma dat de handelingen doet die een mens anders doet. Dat werkt, maar het breekt zodra het pakket zijn schermen verandert. Wij stellen het alleen voor als de andere drie echt niet kunnen, en zeggen er dan bij dat het onderhoud kost.

Welke koppelingen komen het vaakst voor?

Vijf, en ze gaan bijna allemaal over hetzelfde moment: iets komt binnen en moet ergens anders terechtkomen.

  • Een formulier op de site dat rechtstreeks een aanvraag wordt, in plaats van een mail die iemand overtypt
  • Binnenkomende post die bij de juiste klant belandt en niet in één gedeelde inbox
  • Een offerte die na akkoord vanzelf een opdracht en een planning wordt
  • Een webshop of bestelling die de boekhouding in gaat zonder tussenstap
  • Berichten via WhatsApp of chat die bij het klantdossier komen te staan

Welke pakketten daarbij horen, en wat er per pakket wel en niet kan, staat op de pakketten die wij het vaakst koppelen.

Wat gaat er in de praktijk mis?

Drie dingen, en geen ervan staat in de handleiding.

Velden die niet bestaan aan de andere kant. Uw pakket kent een tussenpersoon, het andere niet. Dan is de vraag niet hoe u het overzet maar waar u het parkeert — en dat is een keuze, geen techniek.

Dubbele klanten. Twee systemen die allebei een klant aanmaken, herkennen elkaars klant niet. Zonder afspraak vooraf over wat een klant uniek maakt, staat er binnen een maand alles dubbel.

Een pakket dat stilletjes verandert. Een leverancier past iets aan, en uw koppeling doet het niet meer — of erger, doet het half. Daarom bouwen wij er altijd een melding bij: het valt op als er niets meer doorkomt. Wat er bij één pakket concreet misgaat, staat op wat er bij Exact Online in de praktijk misgaat.

Koppelen of er één systeem van maken?

Koppelen is bijna altijd de kleinere ingreep, en daarom onze eerste vraag.

Werken de pakketten los prima en gaat het alleen mis in het overzetten, dan is een koppeling genoeg. Geen migratie, geen nieuwe schermen, niemand hoeft iets te leren.

Maar is het antwoord op “hoeveel pakketten koppelen we dan?” vier of meer, en sluit geen van die vier aan bij hoe u werkt, dan koppelt u een probleem aan elkaar in plaats van het op te lossen. Dat is het punt waarop wij eigen software noemen. Voor een keukenrenovatiebedrijf hebben we dat gedaan: vier programma’s naar één, met bijna zes jaar aan gegevens mee. Meer over die afweging staat op te veel pakketten.

Wat levert een koppeling op?

Meestal minder spectaculair dan het klinkt en meer dan het lijkt. U wint de minuten van het overzetten — daar gaat het overtypen zelf over — maar de echte winst zit in wat er niet meer gebeurt: geen order op oude gegevens, geen adres dat op twee plekken verschilt, geen klant die belt over iets wat allang gewijzigd was.

Dat is lastig in een businesscase te zetten, want het zijn fouten die er straks niet zijn. Wij rekenen daarom liever met het aantal keren per week dat iets nu wordt overgezet. Dat getal weet u wel.

Hoe beginnen we?

Met kijken waar het gegeven vandaan komt en waar het heen moet, en met de vraag hoe vers het moet zijn. Een adres mag een dag oud zijn; een voorraadstand niet. Dat verschil bepaalt de hele oplossing, en het is de eerste vraag die wij stellen — zie hoe wij beginnen.

Zullen we bellen?

Zit het nog in uw hoofd?

Dan is dit het goede moment. U hoeft niet te weten wat u wilt bouwen; vertellen waar het werk vastloopt is genoeg. Wij denken hardop mee, zeggen wat wij zouden doen en wat wij zouden laten. Dat eerste gesprek kost u niets.

Marc Herdes van Cloudzicht
Marc HerdesOprichter · bedenkt en bouwt

Zit u hier tegenaan?

Vertel in een paar zinnen wat er beter moet. U krijgt een eerlijk antwoord: wat wij zouden bouwen, wat wij zouden laten liggen, en of het bij ons thuishoort of bij iemand anders. Het eerste gesprek kost u niets.

Waar loopt het bij u vast?.

Vertel kort wat er speelt. U hoort binnen een werkdag van ons, van een mens.

Liever meteen even bellen of mailen? Dat kan ook.

Uit de praktijk

Hoe dit er in het echt uitziet, staat als verhaal op de persoonlijke site van Marc Herdes.