AI en de toekomst van werk, zonder glazen bol

De techniek staat niet stil en de meeste voorbeelden bestaan al: robots die serveren, vloeren doen en zonder bestuurder rijden. Wat er de komende jaren verandert is minder spectaculair dan het klinkt: niet de banen verdwijnen als eerste, maar de manier waarop het werk is ingericht.

Van Cloudzicht, Almere · Marc Herdes en John van den Bosch · bijgewerkt op

Vooruitkijken is niet hetzelfde als voorspellen.
Vooruitkijken is niet hetzelfde als voorspellen.

Hoe ver is dit eigenlijk al?

De techniek staat niet stil en de meeste voorbeelden bestaan al: robots die serveren, vloeren doen en zonder bestuurder rijden. Wat er de komende jaren verandert is minder spectaculair dan het klinkt: niet de banen verdwijnen als eerste, maar de manier waarop het werk is ingericht.

Wie denkt dat dit toekomstmuziek is, heeft een tijd niet opgelet. In restaurants rijden karretjes die borden naar de tafel brengen. In keukens staan machines die het bakken en roeren zelf doen. Robots die vegen en dweilen zijn zo gewoon geworden dat niemand er meer naar kijkt. En in meerdere steden rijden auto’s rond waar niemand achter het stuur zit — niet als proef, maar met betalende passagiers.

Wat er nog niet is, is één apparaat dat het allemaal doet. In huis staat geen robot die opruimt, afwast en strijkt. Dat komt niet omdat het uitgevonden moet worden maar omdat het onbetaalbaar en onbetrouwbaar is zodra het niet één taak in één ruimte betreft. Dat gat is kleiner dan tien jaar geleden, en groter dan de folders doen voorkomen.

Wat verandert er dan het eerst?

Niet de spectaculaire dingen. De inrichting.

Kijk naar de fabrieken waar het licht uit kan omdat er niemand loopt. Het bijzondere daaraan is niet dat er machines staan — die staan er al veertig jaar. Het bijzondere is dat het gebouw, de planning en de ploegendienst opnieuw zijn bedacht rond het feit dat er niemand hoeft te zijn. Was dat proces alleen geautomatiseerd zoals het was, dan had het licht gewoon aan gemoeten.

Dat is de kern van wat er in de komende jaren gebeurt, en het is ook wat bedrijven het vaakst overslaan. Software erop leggen zonder het proces opnieuw te bekijken, levert hetzelfde werk in een ander scherm op. Daar gaat waarom AI-projecten stuklopen over.

En het raakt meer dan de werkvloer. Wanneer er gewerkt wordt, waar er gewerkt wordt, of “van negen tot vijf” nog ergens op slaat: dat zijn geen technische vragen maar ze verschuiven wel door de techniek. Regelgeving loopt daar achteraan, zoals altijd, en dat is niet per se erg — het geeft iedereen de tijd om te bepalen wat we hier eigenlijk van willen.

Verdwijnen er banen?

Ja, en het heeft geen zin daar omheen te praten.

Werk dat uit voorspelbare stappen bestaat en waar geen oordeel bij komt kijken, gaat er als eerste uit. Dat geldt voor een deel van de administratie, voor een deel van de eenvoudige productie en voor een deel van het werk waarvoor mensen nu worden ingehuurd omdat het nu eenmaal gedaan moet worden.

Maar de rekening klopt niet als u daar stopt. Iemand moet die machines bedienen. Iemand moet ze repareren als ze stilstaan, en dat gebeurt vaker dan de fabrikant zegt. Iemand maakt de onderdelen. Iemand doet het onderhoud, houdt bij wat er versleten is en zorgt dat de vervanger er is voordat het misgaat.

Dat is een grappige gedachte om even bij stil te staan: een deel van ons wordt straks de verzorger van de robots. Het is niet eens een nieuwe gedachte — precies hetzelfde gebeurde met de auto, de computer en de machines in de haven. Wat verdween was zichtbaar en wat ervoor terugkwam had nog geen naam.

Wat betekent dat voor uw bedrijf?

Drie dingen, en geen ervan vraagt om een groot besluit.

Kijk naar hoe uw werk is ingericht, niet naar welk gereedschap u koopt. Een pakket erbij lost een inrichtingsprobleem niet op. De vraag is welke stappen er zijn, waarom ze in die volgorde staan en welke er alleen zijn omdat het vroeger niet anders kon.

Begin bij iets kleins dat vaak terugkomt. Niet bij het meest indrukwekkende, maar bij het meest herhaalde. Dat is waar de winst zit en waar het risico klein is — zie wat zich leent voor automatisering en waar u met AI begint.

Neem de mensen mee die het werk nu doen. Dat is geen vriendelijkheid maar de goedkoopste maatregel die er is: zij weten waar het echt vastloopt, en zonder hen blijft het oude naast het nieuwe bestaan. Daar gaat wat als uw mensen er niet op zitten te wachten helemaal over.

Waar moet u nuchter in blijven?

Bij alles wat als zeker wordt gepresenteerd.

De voorspellingen over wanneer iets er is, kloppen zelden. Vliegende taxi’s worden al een jaar of tien aangekondigd. Robots die het huishouden doen, staan al een decennium op beurzen. Wat wél snel is gegaan, zag bijna niemand aankomen — en dat is precies waarom een plan dat op één voorspelling leunt, een slecht plan is.

Wees dus voorzichtig met leveranciers die zeggen dat u de boot mist. Die zin is bijna altijd verkoop. Wat wél waar is: bedrijven die elk jaar iets kleins verbeteren, staan er over vijf jaar heel anders voor dan bedrijven die wachten op het grote moment. Niet omdat ze iets slims hebben bedacht, maar omdat ze eraan gewend zijn geraakt om dingen te veranderen.

En let op het omgekeerde risico. Een systeem dat overal een antwoord op geeft, geeft ook antwoord als het het niet weet; daar hebben wij een apart stuk over: AI zegt te vaak ja.

Hoe snel is dit eigenlijk gegaan?

Sneller dan we onthouden, en dat is het beste argument dat er is.

Iedereen van boven de dertig heeft een spelcomputer gehad waar het hele huis omheen ging staan. Een Game Boy waar je op vakantie mee mocht. Later een PlayStation die zo indrukwekkend was dat vrienden ervoor langskwamen. Nu ligt datzelfde rekenvermogen in een la, en niemand kijkt ernaar om.

Met de telefoon ging het net zo. Dat u iemand kon bellen die niet thuis was, was bijzonder. Dat u een berichtje kon sturen, was nieuw. Inmiddels heeft u een toestel in uw zak dat sneller rekent dan de laptop op uw bureau, hoe duur die ook was, en er zijn schermen die u dichtvouwt. Niemand vindt dat nog opmerkelijk.

Kijk daarna eens naar wat er nu wordt aangekondigd en het klinkt minder gek. Een bril waar u doorheen kijkt en waaraan u opdrachten geeft. Een lens die zichzelf oplaadt. Een chip die u niet kwijtraakt. Sloten die u vanaf uw telefoon opendoet en camera’s die zelf melden wat ze zien, heeft u al. Een auto die een deel van het rijden overneemt, ook. Het moet niet gekker worden, en het wordt gekker.

Dat is precies waarom “dat gaat bij ons nooit gebeuren” een riskante zin is. Hij is over alles hierboven een keer gezegd.

En als straks iedereen terugverlangt?

Dat is de tegenbeweging die er altijd komt, en die zelden wordt meegerekend.

Hoe meer er automatisch gaat, hoe bijzonderder wordt wat dat niet is. Er wordt nu al betaald voor een weekend op een boerderij waar u zelf uw groenten uit de grond haalt — werk waar mensen een eeuw geleden juist vanaf wilden, nu verkocht als rust. Voor eten dat door iemand is bedacht en niet uit een machine komt. Voor een tafel waar het gezellig is en waar niemand haast heeft.

Dat is geen nostalgie, dat is schaarste die verschuift. Wat overal en altijd kan, wordt gewoon. Wat een mens doet, wordt bijzonder — en daarmee verkoopbaar.

Voor een bedrijf is dat een bruikbare gedachte, want hij keert de vraag om. Niet: wat kan ik allemaal automatiseren. Maar: wat wil ik met de hand blijven doen, en hoe maak ik daar tijd voor vrij? Het antwoord daarop is meestal het deel waar klanten later over praten — het gesprek, het meedenken, de keer dat er iemand terugbelde. Dat overleeft elke robot, mits u het niet wegbezuinigt terwijl u de rest aan het opruimen bent.

Wat vinden wij hier zelf van?

Dat de trein rijdt en dat u er niet naast wilt lopen, maar ook dat er geen enkele reden is om erin te springen voordat u weet waar hij heen gaat.

Wij bouwen software voor bedrijven die dit soort keuzes nu moeten maken, en we zeggen even vaak dat iets niet moet als dat iets wel kan. Dat is geen bescheidenheid; het is dat wij de rekening zien van de dingen die te vroeg zijn gebouwd. Wie wij zijn en waar dat vandaan komt, staat op wie wij zijn.

Het eerlijkste antwoord op de vraag hoe de toekomst van werk eruitziet, is dat niemand het weet. Wat u wél kunt doen is uw bedrijf zo inrichten dat een verandering geen verbouwing is. Dat is minder spannend dan een voorspelling, en het is het enige dat echt helpt.

Zullen we eens sparren?

Een uur meedenken, zonder rekening.

Geen verkoopgesprek en geen presentatie. Wij stellen vragen over hoe het werk nu loopt, u hoort waar wij denken dat de winst zit, en daarna beslist u zelf of u verder wilt. Ook als het antwoord is dat u ons niet nodig heeft.

Eline Klaver van Cloudzicht
Eline KlaverOntwerp en vertaalslag

Zit u hier tegenaan?

Vertel in een paar zinnen wat er beter moet. U krijgt een eerlijk antwoord: wat wij zouden bouwen, wat wij zouden laten liggen, en of het bij ons thuishoort of bij iemand anders. Het eerste gesprek kost u niets.

Zullen we het er eens over hebben?.

Vertel kort wat er speelt. U hoort binnen een werkdag van ons, van een mens.

Liever meteen even bellen of mailen? Dat kan ook.

Uit de praktijk

Hoe dit er in het echt uitziet, staat als verhaal op de persoonlijke site van Marc Herdes.